Tomorrowland

We hebben een rotzomer achter de rug. Veel te warm. Diabetes. Flebitis. Vocht in de knieën. Kopvallingen. Gezwollen voeten. Elk kwaaltje dat mijn bejaarde buurvrouw deze zomer trof was volgens haar het gevolg van de extreme hitte. Tot overmaat van ramp speelden ook haar heupen weer op. Nochtans had ze er in januari twee nieuwe laten steken. Pure carbon en uitgebreid getest in de windtunnels van Ferrari. Maar al die wetenschappelijke hocuspocus is niet veel waard want ze bezorgen haar helse pijnen. Volgens het besje zijn die producten wel getest op hun aerodynamica maar helemaal niet op de invloed van het lawaai van de spelende koters in onze straat. En dat gekrijs gaat door carbon en titanium. Tijd dus dat de schoolpoorten weer opengaan. En dus kuste ze op twee september het blaadje van De Druivelaar met haar droge vijgenlippen, keek door het raam en zag blij gemutst de herrieschoppers aan de hand van hun mama richting schoolpoort trekken.

Aan het portaal van het internaat waren geen snotneuzen of rode ogen te bekennen. Hier is het wisselen van de melktandjes al even achter de rug. Dus werd ons eigen festival alweer geopend met de nodige bombarie. De vakantie zat er duidelijk nog in bij onze grotendeels gebronsde kerels. En gezien de school de leerlingen slechts voor een tweetal uur oproept die eerste dag - wat is jouw naam, ok tot morgen – mochten wij gelijk weer ten strijde trekken. Het slagveld zou nog tot ’s avonds duren want pas dan hadden wij de ruimte om afspraken en regels te herhalen. En dat zou duidelijk nodig zijn want het is eigen aan onze doelgroep dat zij onthouden wat onmiddellijk van pas komt en de rest veilig opbergen in een duister achterkamertje van wat wetenschappers tegen beter weten in het puberbrein blijven noemen.

Nu verwachten wij geen wonderen. Maar een beetje fatsoen tijdens de verplaatsing van en naar het zwembad ware wel fijn geweest. En dat lukte wonderwel. De jongens die startten in het derde jaar werden zeer goed getraind in de eerste graad en die van het vierde dachten al aan een mogelijke tussenstop in de Veldstraat. Geen idee wat de aantrekkingskracht van die krakkemikkige kasseibaan is, al kunnen wij ons wel iets voorstellen bij de etalage van Hunkemöller. Geen nood: in een zwembad lopen doorgaans ook wel schaars geklede freules rond.

Maar viel dat even tegen. Er was in het hele complex geen halve deerne te vinden en ook de poetsvrouw daar is niet wat men een lekkere tijger kan noemen. Bovendien is het college blijkbaar niet de enige school waar de eerste dag er slechts een halve is. Heelder basisscholen hadden bezit genomen van glijbanen en andere wildwateravonturen. Dus zat er weinig anders op dan lekker dicht bij elkaar te kruipen en de boel te blokkeren. De juffen van de andere kindjes hielden het dan ook al vrij snel voor bekeken en ik vraag me nog steeds af of dat kwam door de enorme drukte of door de hitte. Om een of andere reden stonden die bewaaksters immers allemaal rond het zwembad in een strakke jeans en een zedig dichtgeknoopte blouse. De oudere exemplaren hielden het uiteraard bij een enkelrok met extra combinaison om de wulpse rondingen en dan vooral de contouren van de incontinentieluier te verbergen.

En die dingen zouden ons eigenlijk ook van pas gekomen zijn. Want de kindjes van juf Magda en meester Arne waren het water nog niet uit of een vijftal van onze jongens veranderde in broekpoepende pagaddertjes en doken in het peuter bad. Ze kirden van plezier en riepen om de haverklap onze naam om te laten zien hoeveel schuim ze al konden bijeen trappen met hun waterfietsjes. Spetter, pieter, pater. Lekker in het water. Ga maar vast naar huis. Wij komen een beetje later.

Tenminste, dat leken de vierdejaars te denken terwijl ze op hun rug ronddobberden in het golfslagbad, terugdenkend aan met aardbeien bedrukte bikini’s, massages met papajaolie en Harry Belafonte. Kortom, iedereen genoot op zijn manier van de eerste vrije middag sedert de start van het nieuwe schooljaar drie uur eerder. En dat was maar goed ook want het stressmoment van de dag volgde al snel.

Om stipt kwart voor acht startte de eindeloze opsomming van de rechten en vooral de plichten van een drievier. Sommige dingen waren al gekend. Andere zorgden voor verbazing. De meeste ontsnapten aan de aandacht. Het is dan ook niet vanzelfsprekend om anderhalf uur stil te zitten. Vooral niet voor de mensen die rondom jou zitten. Want plots krijgen die acute aanvallen van jeuk, dus moet jij daar even krabben. Andere worden gestoord door een vervelende vlieg om de oren, dus moet jij die dood slaan. Er zijn er zelfs die er gaan uitzien als een bal en dus moet jij daar tegen trappen. Hoog tijd dus om af te ronden.

Ook de dag. Nog even luchten op de speelplaats en de eerste schooldag zat er op. Iedereen kroop knus in zijn eigen bedje en kon gaan dromen over alle avonturen die hen dit schooljaar in drievier staan te wachten.

En slenterend door die lange herboren gang wiegde een Caraïbisch deuntje ook dit hoofd leeg.

This is my island in the sun

Where my people have toiled since time begun

I may sail on many a sea

Her shores will always be home to me